| 0 tot 6 maanden | Houdt het hoofd op in buikligging, duwt zich op de ellebogen omhoog, rolt van buik naar rug | Houdt speelgoed vast dat je in het handje legt, slaat ernaar, brengt handen naar de mond | Babygym, rammelaars, grijpringen |
| 6 tot 12 maanden | Zit zonder steun, trekt zich op tot staan, loopt langs meubels | Geeft iets over van hand naar hand, pakt kleine dingen tussen duim en wijsvinger | Stapelbekers, blokken, ballen, een loopwagen |
| 1 tot 2 jaar | Loopt zelf, klimt op de bank, rent en schopt tegen een bal | Krast met krijt, eet met een lepel | Duw- en trekspeelgoed, een loopfiets, vormenstoof, dikke krijtjes |
| 2 tot 3 jaar | Springt met twee voeten tegelijk | Draait deksels open, slaat bladzijden één voor één om, rijgt grote kralen | Rijgkralen, grote klikblokken, eerste puzzels |
| 3 tot 4 jaar | Vangt meestal een grote bal | Tekent een cirkel na, houdt een potlood tussen vingers en duim, tekent een poppetje | Klei, een kinderschaar, bouwsets, een driewieler |
| 4 tot 6 jaar | Huppelt op één been, stept, klimt. De meeste kinderen kunnen leren zwemmen en fietsen zonder zijwieltjes | Doet knopen dicht, schrijft de letters van de eigen naam, knipt en plakt | Fiets, step, springtouw, knutselsets, kleinere bouwstenen |
| 6 tot 12 jaar | Fietsen, zwemmen, sporten. Bewegingen gaan steeds meer vanzelf | Leert schrijven en typen, steeds preciezer werk | Ballen, skates, trampoline, technisch bouwen, behendigheidsspellen |