Met de Play-Doh Taart met Laagjes bakt je kind taartpunten van klei. Rol een paar balletjes, meet ze af met het vormpje en stop ze in de speelgoedoven. Hendel omlaag, deurtje open, ping: daar komt een laagje uit. Stapel kleuren op elkaar voor een echte laagjestaart, of draai ze door elkaar voor een gemarmerde punt. Daarna draait je kind aan de glazuurroller voor een plat vel klei en snijdt het glazuur op maat met de uitsteekvormpjes. Klodders en namaaksnoepjes erop, en de bakkerij is open. Zet je alle punten in een cirkel, dan staat er een hele verjaardagstaart op tafel.
Volgens bol is de set geschikt vanaf 3 jaar, met een aanbevolen maximum van 10 jaar. Rollen, drukken en uitsteken oefent de fijne motoriek, want kleine vingers moeten precies werken om een laagje netjes te krijgen. Kleuren kiezen en een taart versieren is vooral lekker zelf bedenken. Wie wil er een punt?
Goed om te weten
In de doos zitten 11 potjes Play-Doh van 56 gram, in kleuren zoals blauw, groen, wit en roze, plus bruin en geel. De klei blijft soepel, maar bevat tarwe. Speel er samen mee of houd een oogje in het zeil, want de set is bedoeld voor gebruik onder toezicht van volwassenen. De complete taart is 17,78 cm. De doos is 384 bij 330 bij 123 mm, dus reken op een flinke verpakking onder de boom. Qua prijs is dit een flink cadeau. Hieronder zie je bij welke winkel hij nu het goedkoopst is.
In het kort
Merk: Play-Doh
Leeftijd: 3 tot 10 jaar
Aantal stuks in verpakking: 18
Klei: 11 potjes van 56 gram
Met speelgoedoven, glazuurroller en 2 uitsteekvormpjes
Hele taart: 17,78 cm
Let op: klei bevat tarwe
Wat leert je kind ervan?
Motorisch
Balletjes rollen, klei in de oven duwen en aan de hendel van de glazuurroller draaien traint de vingers. Met uitsteekvormpjes en decoratiegereedschap werken vraagt een precieze hand.
Sociaal
Taartpunten bakken voor een namaakverjaardag nodigt uit tot rollenspel als bakker of feestganger. Met een ander kind samen bakken betekent het gereedschap en de klei delen.
Cognitief
Eerst afmeten, dan bakken en daarna versieren: zo volgt je kind een vaste volgorde. Kleuren stapelen of mengen laat zien wat er gebeurt, en de losse punten samen tot een hele taart leggen oefent ruimtelijk inzicht.
Een score van 10 tot 100, op basis van wat fabrikant en winkels vermelden over materiaal, batterijen en hoe lang het speelgoed meegaat. Ook deze score bepaalt een AI-model met vaste regels. Staat er te weinig in de productinformatie, dan geven we geen score. Een bekend merk telt niet mee, en een CE-markering gaat over veiligheid en zegt niets over duurzaamheid. Boven de 60 krijgt speelgoed het label Duurzaam.
80 tot 100
Hout, karton of textiel met een keurmerk of van gerecycled materiaal, zonder batterijen, gaat jaren mee.
60 tot 79
Stevig en jaren bruikbaar of uit te breiden, met weinig of geen elektronica.
40 tot 59
Gewoon kunststof speelgoed dat een tijd meegaat, of met batterijen maar weinig elektronica.
20 tot 39
Veel elektronica of batterijen, of snel uitgespeeld. (dit product)
10 tot 19
Wegwerp of eenmalig, zoals slijm of een verrassingsverpakking.
Motorisch (0 tot 5)
Een AI-model kiest de score op deze vaste schaal van 0 tot 5, op basis van de productinformatie van fabrikant en winkels, in vergelijking met ander speelgoed. Een 5 krijgt speelgoed alleen als dit onderdeel het hoofddoel is.
0
Alleen kijken of luisteren, zoals bij een luisterboek.
1
Eenvoudige handelingen, zoals een knop indrukken of een kaart vasthouden.
2
Wat pakken en neerzetten, zoals met speelfiguren of een pop aankleden.
3
Bewegen hoort bij het spel: grote bouwstenen, klei, een bal of een puzzel met grote stukken.
4
Motoriek is een hoofddoel: kleine bouwstenen, knippen, kralen rijgen, gooien en vangen. (dit product)
5
Motoriek is de kern: loopfiets, step, klimrek, trampoline of grijpspeelgoed voor baby's.
Cognitief (0 tot 5)
Een AI-model kiest de score op deze vaste schaal van 0 tot 5, op basis van de productinformatie van fabrikant en winkels, in vergelijking met ander speelgoed. Een 5 krijgt speelgoed alleen als dit onderdeel het hoofddoel is.
0
Geen denkwerk, alleen voelen of bewegen: badeend, knuffel, bal.
1
Heel eenvoudig, zoals een knop die geluid maakt.
2
Fantasie en verhalen, of kleuren en vormen herkennen: pop, vormenstoof.
3
Instructies volgen, sorteren, tellen of bouwen volgens een beschrijving. (dit product)
4
Vooruitdenken en plannen: grote bouwsets, puzzels met veel stukjes, spellen met tactiek.
5
Denken of leren is de kern: strategiespel, schaken, rekenspel, programmeerrobot.
Sociaal (0 tot 5)
Een AI-model kiest de score op deze vaste schaal van 0 tot 5, op basis van de productinformatie van fabrikant en winkels, in vergelijking met ander speelgoed. Een 5 krijgt speelgoed alleen als dit onderdeel het hoofddoel is.
0
Je speelt er altijd alleen mee, zoals met een game voor één speler.
1
Vooral alleen, al kan het ook samen, zoals een puzzel of bouwset.
2
Samen spelen gaat goed maar hoeft niet, zoals met speelfiguren of een pop.
3
Nodigt uit tot samen spelen of rollenspel: poppenhuis, keukentje, verkleedkleren. (dit product)
4
Gemaakt voor meer spelers, met beurten en regels: de meeste bord- en kaartspellen.
5
Samenwerken of met elkaar praten is de kern: een coöperatief spel, een partyspel, walkietalkies.